Impressie van de lezing door Joop Stolp

Vrijdag 13 oktober komen ruim 25 mensen voor de lezing van Joop Stolp. De filmzaal zit zo gezellig vol, er kunnen 30 mensen in deze eigen zaal van Baduhenna.

Reden voor de lezing is de publicatie “Namen in Noord-Holland, spitten in een vèr verleden”. Een boek over (plaats)namen in Noord-Holland en een kijkje in onze vroege bewoningsgeschiedenis.

Na een welkom en een korte introductie neemt Joop ons bij de hand. Hij schetst met behulp van kaarten en afbeeldingen het ontstaan van de vaste grond waarop Noord-Holland en Heiloo nu gelegen is. Hij spreekt over de menselijke aanwezigheid en activiteiten zodra de bodem begaanbaar is. Het is een komen en gaan. Zij waren “op zoek naar eten en avontuur (…)”. Er zijn ‘spullen’ achtergebleven, die wij nu aantreffen. Hierbij hoort dan wel een grondige archeologische analyse, immers “(…) een scherf maakt nog geen bewoning (…)”. Vondstomstandigheden zijn belangrijk voor een betere interpretatie. Joop legt zo zijn verrassende uitleg over de palencirkel op tafel; ”Als je boer bent en vee hebt, dan is één ding belangrijk en dat is de stier”. De palencirkel is zo de omheining waarbinnen de stier op stal wordt gezet. Joop vertelt over strandvondsten, het houtje van Heiloo, de sikkels, de betekenis van water voor groei van planten, zoet drinkwater voor mens en dier.

Zo komen we op de eerste schriftelijke verwijzing naar onze regio. Allereerst is er de rol van de Romeinen (Tacitus). Het woud van Baduhenna en overigens vervoegingen van “Flevo”. Vervolgens de lijsten van bezittingen die monniken opstelden (Abdij van Egmond) en acten. De aanwezigheid van Willibrord en de zijnen. Deze vermeldingen zijn niet altijd even secuur of eenduidig. Hoe komt het dat plaatsnamen soms en wel en dan weer niet in de opsommingen staan?

Joop schetst uitgebreid hoe hij vanuit diverse talige invalshoeken zijn onderzoek heeft gedaan; -lo of –loo; -law of -low; heim. Met betekenissen van bos of water, grafheuvel? Vergelijkbare aanduidingen in Duitsland, Engeland? En gezien de bezoeken van Vikingen, de invloeden vanuit Scandinavië.

Joop komt tijd tekort om al zijn kennis over te dragen. Jammer genoeg was er dus geen tijd meer voor de naamgeving in Heiloo en omgeving, discussie of vragen.

Na een dankwoord gaat ieder zijnsweegs, met een hoofd vol informatie. Misschien geven de uitgedeelde teksten en het boek wel de antwoorden op vragen of concrete informatie over waarom, en sinds wanneer de Kennemerstraatweg de “Kennemerstraatweg” heet?

Voor dit verslag, Wim Maan 16-10-2017